Artikel Maatschappij en samenleving
Werk en technologie: de toekomst?
Werk en technologie lijken steeds minder goed samen te gaan. We horen steeds meer de horrorverhalen van het verdwijnen van onze banen. Realiteit of onzin?
In 2017 presenteerde onderzoeksbureau Gartner een studie waarin voorspellingen werden gedaan omtrent de toekomst van werk. Volgens het rapport zouden 1,8 miljoen banen wereldwijd verdwijnen door automatisering. Dit alles tot het jaar 2020. In hetzelfde jaar kwam Forrester met de voorspelling dat alleen al in 2018 13,8 miljoen banen verdwijnen in de V.S. door automatisering. In Nederland deed Deloitte de voorspelling dat 4 miljoen banen verdwijnen en 5 miljoen banen verschijnen. Hoe verder we kijken en proberen te voorspellen des te meer liggen de cijfers uit elkaar. Zo claimt Mc Kinsey een banenverlies van 400 - 500 miljoen rond 2030. Tja. hoe tegenstrijdig kan de berichtgeving over de toekomst van werk zijn?
Welke banen er zullen verdwijnen lijkt een nog groter discussiepunt. De leraar en brandweerman lijken veilig al zijn er ook al start-ups die bezig zijn met robots die over 10 jaar kunnen lesgeven.
Eigenlijk is het de vraag of al deze voorspellingen er wel toe doen? Uiteraard moeten we kijken wat de vergaande automatisering voor gevolgen heeft voor de samenleving. Een samenleving waarin de grootste uitdaging is om iedereen erbij te betrekken.Om mensen weer betekenisvol werk te geven. Waarbij we ook heel kritisch naar de technologische ontwikkelingen moeten kijken. Want leveren al die technologische doorbraken de daadwerkelijke vooruitgang die we met z'n allen wensen. Met de nadruk op allen want de hedendaagse technologisering maakt dat een kleine groep mensen en organisaties sterk profiteren maar ook dat veel mensen afhaken. Technologie is ook een grote veroorzaker van de nieuwe armoede. De vraag is dus niet alleen of en welke banen er verdwijnen een betere vraag zou moeten zijn is hoe we als mens maatschappelijk betekenisvol kunnen zijn.
Between 2010 and 2016, there were almost 137,000 robots deployed in manufacturing facilities in the U.S. During that time, manufacturing jobs increased by 894,000 (U.S. Bureau of Labor Statistics) and the unemployment rate declined by 5.1 percent
Kijken we naar werk dan hebben we de afgelopen decennia werk gecreerd wat op veel gebieden niet menselijk meer is. We hebben taken steeds nauwer beschreven. Werk is vaak repeterend en vastomlijnd. Volgens vaste afspraken doen we als medewerker ons ding. Een logisch gevolg van de randvoorwaarde van zogenaamde schaalbare efficiency. Vanuit dit begrip zijn organisaties ontstaan en lenen ze nog altijd bestaansrecht. Maar het interessante is dat deze organisaties die allemaal zijn ontstaan vanuit schaalbare efficientie werk uitoefenen dat door technologie beter kan worden gedaan. We hebben dus het werk gedehumaniseerd. Want wat is er humaan aan repeterende werkzaamheden. Wat is er humaan aan vastomlijnde opdrachten. De grootste uitdaging is niet de vergaande digitalisering en is niet het concurreren met machines. De grootste uitdaging is vooral dat we weer werk creeren voor mensen die hiermee daadwerkelijk vanuit kracht en passie een bijdrage aan de samenleving kunnenn leveren. Het klinkt allemaal wellicht wat zweverig maar oprecht vraag ik me af of we met al deze voorspellingen en zogenaamde toekomstbeelden niet teveel vanuit bestaande aannames denken en vergeten de echte en juiste vragen te stellen.
We moeten de begrippen werk, organisatie, zekerheid en inkomen in twijfel trekken. Net als onze aannames over vooruitgang. Als we dat durven te doen zullen we anders naar de hedendaagse samenleving en haar krachtvelden kijken. We zullen ons verwonderen hoe we ons zo ontwikkelt hebben en dit ook nog vooruitgang durven noemen. De toekomst van werk is datgene wat ons als mens onderscheidt van de technologie. Dat zijn puur menselijke eigenschappen zoals sociale interactie, creativiteit, kritische denkvermogen, self disruptief zijn en ondernemersschap. Het interessante hiervan is dat deze eigenschappen in veel organisaties weggeorganiseerd zijn. We hebben organisatorische schapen gevormd en voelen nu de gevolgen hiervan door de opkomst van technologie.
Toch ben ik niet bang voor de toekomst. Zolang we als samenleving maar de verbinding kunnen opzoeken en onze bestaande aannames durven uit te dagen. Als mens zijn we extreem adaptief en kunnen we ook de kansen van de digitalisering omarmen.